PlusPraktijken en PlusWIJken geven de juiste richting aan voor de toekomst van de zorg
Recent kwamen bestuurders, beleidmakers en professionals uit het zorg- en sociaal domein bij elkaar voor het Symposium PlusPraktijken. Centraal thema: aan de juiste knoppen draaien voor een toekomstbestendige huisartsenzorg.
Uitgangspunt hiervoor is de triple aim: betere algehele gezondheid van de bevolking door versterking van de eigen regie, betere kwaliteit van zorg en lagere kosten. Dat de huisartsen hierin als centrale spil functioneren is duidelijk. Zij coördineren de verwijzingen naar de tweede lijn, en ze krijgen veel patiëntvragen waarop de antwoorden uit het sociaal domein moeten komen. In het logisch verlengde van de PlusPraktijken ligt de integrale wijkaanpak van PlusWIJken, waarvan nu werk wordt gemaakt.
Mensen boven regels
Wat is mogelijk als mensen boven regels worden gesteld? Huisarts Luc Harings heeft daar een sprekend voorbeeld van. Een patiënte in een zeer kwetsbare positie had dringend chemotherapie nodig om een kans op genezing te hebben. Meandergroep Zuid-Limburg werkte direct mee. Zonder zekerheid op financiering. ‘Het gesprek met de zorgverzekeraar gaat volgen’, schreef hij op Linkedin, ‘maar daar heb ik alle vertrouwen in.’ Maar hij schreef er ook bij dat de snelle oplossing die in dit geval is gevonden geen vanzelfsprekendheid is in de zorg. ‘Te vaak werken beleidsregels, structuren en financiering beknellend op de gezondheidsbehoefte van onze patiënten, cliënten en inwoners. Daarnaast zijn te veel mensen te veel tijd kwijt met verantwoording en controles.’
Waarom lukte dat hier wel? “Omdat we met de MeanderGroep al heel lang samenwerken”, vertelt hij. “De MeanderGroep heeft een verpleegkundig specialist gekoppeld aan onze praktijk. Als je ketenpartners bent, is mijn probleem jouw probleem en vice versa. Het is de bedoeling dat dit normaal gaat worden. Als huisartsen word je geconfronteerd met veel problemen die je zelf niet kunt oplossen. Dus heb je een netwerk nodig waarin je voor degene die in je spreekkamer zit een warme overdracht kunt regelen. Dat is wat we nu voor elkaar aan het krijgen zijn met PlusWIJken.”
De les van PlusPraktijken
Het gedachtegoed van PlusWIJken is een logisch vervolg op PlusPraktijken waarmee in 2016 in Oostelijk Zuid-Limburg is gestart. De PlusPraktijken bieden toekomstbestendige eerstelijnszorg door middel van een geïntegreerde, patiëntgerichte aanpak. De kern is innoveren en samenwerken binnen een netwerk, met als doel betere zorg, gezondere burgers en lagere zorgkosten.
En dat werkt, stelt Esther van Engelshoven, bestuursvoorzitter van Huisartsen Oostelijk Zuid-Limburg (HOZL). “We hebben minder verwijzingen naar de tweede lijn en de ggz. Patiënten maken veel meer gebruik van ons digitale platform voor afspraken en herhaalrecepten. De huisarts voelt zich ontzorgd en heeft meer ruimte om de complexe groep patiënten te begeleiden. Maar de koppeling naar de wijk werd nog onvoldoende gemaakt. Vandaar de doorontwikkeling naar PlusWIJken.”
Twee programmalijnen
In die ontwikkeling naar PlusWIJken wordt gewerkt langs twee programmalijnen. In de ene programmalijn wordt in pilotwijken het wijkbeeld in kaart gebracht met een team zorg- en welzijnsprofessionals en inwoners. Hoeveel mensen zijn eenzaam? Bij hoeveel mensen is sprake van ggz-problematiek? Via interviews wordt een kwalitatieve scan gemaakt om de problemen in de wijk in kaart te brengen en te inventariseren welke activiteiten al bestaan om daarvoor oplossingen te bieden. Ook vindt een kwantitatieve scan plaats op basis van alle data die in de wijk beschikbaar zijn.
De tweede programmalijn is gericht op het zo breed mogelijk uitrollen van kernaanpakken die al bewezen effectief zijn. “Dit gebeurt op basis van vier kernaanpakken”, zegt Van Engelshoven, “de Doorbraakmethode, Welzijn op Recept, Kernteam Ouderen
Mensen bij de hand nemen
Voor Erika Jaegers, wethouder Mens & Voorzieningen in Vaals, is de meerwaarde van deze aanpak duidelijk. Zij vertelt: “We zijn een vergrijsde gemeente met veel armoede, bijstand, lage arbeidsparticipatie en schoolverlaters zonder startkwalificatie. De huisartsen zien dezelfde mensen die wij ook zien. Ze geven aan dat zorg niet de oplossing is voor de vragen die zij stellen, maar dat deze mensen bij de hand moeten worden genomen. Dat aanpakken vergt onderling vertrouwen en elkaar weten te vinden. En soms iets doen wat niet helemaal binnen jouw taakomschrijving ligt. Neem de beweegmakelaars die wij als gemeente in dienst hebben. We zijn daarmee begonnen om overgewicht bij burgers aan te pakken en het heeft zich ontwikkeld naar ondersteuning bieden in het zoeken naar wat bij iemand past. Daarvoor moet je als gemeente en huisartsen dezelfde boodschap uitstralen.”
Jaegers zegt te beseffen dat de gemeente niet alles kan oplossen met professionals in welzijnswerk. “Maar het gaat erom dat we de kracht in de samenleving benutten”, zegt ze. “We hebben bijvoorbeeld ouderen die willen tafeltennissen bijeengebracht in een club tachtig-plussers. Die regelen verder alles zelf en hebben daarmee een nieuwe vriendenkring. We hoeven dus ook niet alles te organiseren. We moeten vooral op onze handen zitten. Niet willen zorgen, maar juist zorgen dat mensen in hun kracht komen om zelf dingen te doen.”
Positief nieuwsgierig
Dit laatste sluit helemaal aan bij de titel van de oratie van hoogleraar huisartsgeneeskunde Marco Blanker: Zoveel mogelijk niets doen. “Het gedachtegoed van PlusPraktijken en PlusWIJken sluit aan bij de Visie eerstelijnszorg 2030”, zegt hij. “Het laatste is op dit moment nog vooral een theoretisch kader, maar het past in de gedachte dat je dingen beter kunt regelen als je elkaar kent. Ik ben positief nieuwsgierig naar wat het gaat opleveren. Essentieel daarin is dat de huisarts durft los te laten. Met de poh ouderenzorg ga je juist weer werk naar de praktijk toe halen. Van het alternatief van reablement kunnen ook huisartsen veel leren.”
Uit het symposium PlusPraktijken zegt Blanker te hebben gezien dat CZ zich opstelt als een partner voor de huisartsen. “Ik had niet het beeld dat dit voor de bühne wordt gezegd”, zegt hij, “ik heb echt het idee dat er wederzijds vertrouwen is tussen HOZL en CZ. Dat is ook belangrijk, want hoe meer je met elkaar moet onderhandelen hoe minder ruimte er is om samen te werken.”
Ruimte bieden
Joep de Groot, bestuursvoorzitter van CZ, geeft aan dat juist die ruimte voor samenwerken essentieel is als het om innovatieve ideeën als PlusPraktijken of PlusWIJken gaat. “KPI’s zijn heel goed om bestaande processen te monitoren”, zegt hij. ”Maar met innovatie wil je doelen bereiken. Als je daarin detaillering en voorspelbaarheid gaat eisen, lukt dat niet. Wat zo’n PlusWIJk gaat opleveren, kun je niet helemaal voorspellen en dat was met de PlusPraktijken in aanvang net zo. Dat moet je durven te accepteren. Dit neemt niet weg dat je natuurlijk wel doelen hebt die je wilt bereiken. We willen komen tot een betere kwaliteit van leven voor de burgers en tot een afname van het aantal vragen dat we met zorg beantwoorden.”
Maar hoe krijg je mensen daarin mee die traditioneel juist gewend zijn hulpvragen als zorgvragen te vertalen en om daarmee ook te worden geholpen? “Dat is een van de spannendste dingen”, zegt hij. “Maar we moeten dit gesprek aangaan en als je goede uitleg biedt, wil een groot deel ook best mee. Je ziet vaak dat er een vraag achter de vraag zit. De mensen bij wie de thuiszorg langskomt om de steunkousen aan te trekken, vinden het ook fijn dát er iemand langskomt, omdat er dan iemand is om een praatje mee te maken. Daar moet je dus wat mee. En dat is ook het uitgangspunt van PlusWIJken: mensen helpen de vraag anders te stellen en de hulp in de wijk te organiseren zodat ze weer zelf verder kunnen. Dat vraagt om samenwerking tussen de huisartsen, wijkverpleging en sociaal domein. Die moet je niet alleen organiseren, je moet ze ook de ruimte geven om met en van elkaar te leren, en om wat ze leren te verwerken in een PDCA-cyclus. Ik heb daar vertrouwen in.”
Vertrouwen
Dat vertrouwen heeft Barbara Goezinne, directeur-generaal curatieve zorg bij het ministerie van VWS, ook. “Kijk naar het Integraal Zorgakkoord en het Aanvullend Zorg en Welzijn Akkoord, die gaan allebei uit van de regio”, vertelt ze. “Zuid-Limburg is daarin een voorloper met de manier waarop het te werk gaat in de PlusPraktijken en nu ook de PlusWIJken. De PlusPraktijken zijn IZA avant la lettre. Er wordt goed samengewerkt, er wordt geleerd en er wordt gemonitord. En we zien het effect: mensen blijven langer gezond en blijven langer uit de zorg. De partijen blijken bereid om een stukje autonomie in te leveren en ook zorgverzekeraar CZ pakt zijn rol. Ik was heel blij dat ik bij dat recente symposium de nodige complimenten kon uitdelen. En ik meende ze ook, want wat daar gebeurt, helpt ons in de gesprekken met onze collega’s van financiën en met de gesprekken aan de landelijke overlegtafel in het kader van het IZA.”
Wat in Zuid-Limburg gebeurt, is wat overal in het land nodig is, zegt ze. “Het is de enige kant die we op kunnen, een alternatief is er niet. Gelukkig zien we soortgelijke ontwikkelingen inmiddels ook in Zeeland, Drenthe en Den Haag en deels ook in Groningen. Als ministerie stimuleren we dit door het aan die overlegtafels nadrukkelijk onder de aandacht te brengen.”